Wie hebben ons bevrijd op 16 en 17 april 1945?
Dat waren militairen van het Irish Regiment of Canada onder leiding van Lt-Kol (Overste) L.H.C.Payne. Zij waren een onderdeel van het 5de Canadian Armoured Division dat orders had om een doorbraak door Nederland tot aan de IJsselmeer te voltooien. De 5e Pantserdivisie nam tot eind 1944 deel aan de Italiaanse campagne. Ze waren onder ander betrokken bij gevechten aan de Hitler Linie in mei 1944 en bij de Gotische Linie in augustus 1944. In januari 1945 werd de pantserdivisie overgeplaatst naar België. Na aankomst werd de pantserdivisie toegevoegd aan het Eerste Canadese Leger in Nijmegen.In 1945 werden de Amerikanen in Nijmegen afgelost door de Canadezen
Als onderdeel van de Operatie Market Garden bestond het geallieerde luchtlandingsleger uit drie divisies: De Amerikaanse 82e divisie en de 101e divisie. De Britse 1e Airborne Division omvatte ook een Poolse brigade. Van de oorspronkelijke 10.000 Airbornes van deze 1e divisie, die bij Arnhem/Oosterbeek zijn geland, zijn er 1200 Britse en Poolse militairen bij de strijd om Arnhem gesneuveld. Vele duizenden zijn krijgsgevangen gemaakt, waarvan een groot aantal min of meer ernstig gewond. Slechts 2398 man zagen kans in de nacht van 28 september 1944 over de Rijn te ontsnappen, waarna ze via de smalle corridor in de Betuwe naar het bevrijde Nijmegen werden gebracht. De Amerikanen van de 101e divisie kregen in oktober nog felle aanvallen van Duitsers te verduren aan de westzijde bij Opheusden. Op 25 november 1944 begon voor hen eindelijk de aflossing. Zij keerden terug naar Leopoldsburg in België en via kampementen rond Reims naar Bastogne, hun volgende noodlotsbestemming in de Ardennen. De Amerikaanse 82e divisie heeft tot 11 november de frontlijn ten oosten van Nijmegen verdedigd en werden ook afgelost. Ook zij werden later eveneens ingezet bij het Ardennenoffensief van de Duitsers die een doorbraak probeerden te forceren naar de havens van Antwerpen.
De frontlijnen rond Nijmegen zijn dan inmiddels overgenomen door het 1e Canadese leger onder bevel van generaal Henry Duncan Crerar. Vanuit deze stellingen in Nijmegen zullen deze Canadezen de rest van Nederland gaan bevrijden.
Het Rijnland offensief
Op 7 december 1944 had in Maastricht een topoverleg plaats tussen de bevelhebbers van de geallieerde strijdkrachten. Na het mislukken van de operatie Market Garden bij Arnhem was het zwaartepunt van het offensief zuidelijker komen te liggen. De aanval op de Westwal verliep ook niet voorspoedig, er kwam meer nadruk op een offensief noordelijker.
Er werden plannen uitgewerkt voor een operatie die was gericht op de verovering van het Rijnland. Vanuit het Rijnland moest een sterke legermacht optrekken naar Berlijn, het Canadese deel van deze legermacht moest Nederland gaan bevrijden. Nijmegen werd de uitvalsbasis voor deze aanval.
In de tweede helft van januari 1945 werd in het geheim een enorme legermacht in Nijmegen samengetrokken. Naast het First Canadian Army werd ook het 30e Britse Legercorps nabij Nijmegen gelegerd, het 9th leger van de Amerikanen werd toegevoegd. Deze troepenconcentratie, 470.000 man sterk, was de grootste die tijdens de Tweede Wereldoorlog aan het westelijk front bijeengebracht werd. Het was een gigantische logistieke onderneming, waarvan de Duitsers niets merkten.
In de nacht van 7 op 8 februari startte operatie Veritable, een onderdeel van Het Rijnlandoffensief met als doel de linkerflank van de Rijn te veroveren, bij Wesel de Rijn over te steken en verder Duitsland in te trekken. Als die doelen zijn bereikt, buigen de Canadezen af om Nederland te bevrijden. Kleef en Goch werden langdurig gebombardeerd en voor een groot deel verwoest. Vervolgens werden de Duitse stellingen door de geallieerde artillerie bestookt met meer dan een half miljoen granaten. Over een breedte van twaalf kilometer tussen Maas en Rijn zette het enorme geallieerde landleger zich in beweging. Het veroveren van de strategisch belangrijke weg Kranenburg-Goch had de hoogste prioriteit. Meer dan 1000 kanonnen vuurden 11.000 ton munitie af om de Duitse frontlinie bij het Reichswald te vernietigen. De eerste dag werden 6 Duitse bataljons vernietigd.
Het Reichswald werd op 13 februari, vijf dagen na het begin, van een hevige strijd in de regen en modder ingenomen.
Het 1e Canadese leger trok via de Ooijpolder bij Nijmegen op naar het Reichswald om vanuit het noorden de Duitse stellingen van het 1e Parachutistenleger aan te vallen, samen met het Britse 2e leger. In het zuiden bestookte het Amerikaanse 9e leger de posities van het Duitse 15e leger. De kracht van de Duitse verdedigers was schromelijk onderschat.
Na dertig dagen van bloedige strijd in de regen en de modder werd eindelijk de Rijnoever bereikt. Van een snel offensief van het Canadese 1e Leger was geen sprake, zoals eerst de plannen waren. In vier weken tijde kende het Canadese 1e Leger van Generaal “Harry”Crerar bijna 16.000 doden.
Aanvankelijk hielden de Duitsers stand maar na grote verliezen kreeg generaal Schlemm op 6 maart 1945 toestemming om zich terug te trekken. Op 10 maart 1945 bliezen de Duitsers de laatste bruggen over de Rijn op en een dag later gaven de laatste Duitse soldaten op de linkeroever zich over. Op 24 maart, ’s ochtends om 10.00, uur trokken de Canadezen de Rijn over en vestigden een bruggenhoofd in Emmerich. De Duitse troepen in Nederland mochten geen enkele bedreiging vormen voor de Britten en Amerikanen in Duitsland. Het 1e Canadese leger krijgt de opdracht om vanuit zijn bruggenhoofd bij Emmerich terug te keren naar Nederland, via Didam de Achterhoek binnen te trekken, de IJssel over te steken, verder naar het noorden op te rukken en Nederland tot aan de Waddenzee te bevrijden.
Pantherstellung
Na de landing van de geallieerden in Normandië werd de Duitse verdedigingslinie “De Pantherstellung” in de herfst en winter van 1944-1945 in allerijl aangelegd door dwangarbeiders. De linie vormde een noordwaartse verlenging van de in Duitsland gelegen “Westwall” die voor de oorlog reeds was aangelegd. De Duitsers hadden geen rekening gehouden dat de geallieerden uit het zuiden zouden komen, men verwachtte ze uit het westen. De linie was een aaneenschakeling van bunkers met 88mm anti-tankkanonnen. Anti-tankgrachten van de Grebbelinie werden hersteld of werden nieuw aangelegd. In het najaar van 1944 werden de oorspronkelijke inundaties van de Grebbelinie hersteld. Met de aanleg van de 'Pantherstellung' in het tracé van de Grebbelinie wilden de Duisters de geallieerden beletten naar Duitsland op te trekken. Het tracé liep van het IJsselmeer, bij Nijkerk, naar de Neder-Rijn bij Wageningen waar de linie afboog naar het Pannerdens Kanaal en de Bovenrijn. Bij Kleef sloot de linie aan op de oorspronkelijke “Westwall”. De geallieerde troepen waren sneller met het omtrekken ervan en bedreigden de linie niet zoals bedoelt vanuit het westen maar vanuit het oosten.
Bevrijding van Nederland
Tijdens de bevrijding van Arnhem werd aan de stad meer schade aangericht dan bij de operatie Market Garden. Tijdens de bevrijding in 1945 Arnhem was veranderd in een verwoeste spookstad. Na zware artilleriebombardementen trokken de Canadezen op 12 april Arnhem binnen. Arnhem was inmiddels veranderd in een verlaten spookstad, er was geen sprake meer van heftig verzet door de Duitsers, wel waren de puinhopen een ideale schuilplaats voor sluipschutters. Uiteindelijk vielen bij de Tweede Slag alsnog 200 Canadese en Britse slachtoffers. Vanuit Arnhem moest West Nederland bevrijd gaan worden. De bevrijding van Nederland had geenhoge prioriteit van de geallieerden, de Nederlandse regiering in ballingschap had sterk aangedrongen om een snelle bevrijding. In west Nederland lagen 120.000 Duitse soldaten gelegerd, Er dreigde een “Hongerlente” na de 'Hongerwinter'. Als er geen snelle voedselbevoorrading plaatsvond, zouden meer dan een miljoen mensen in het westen van Nederland mogelijk de hongerdood sterven. Voor hen leek de bevrijding nog ver weg, zeker toen de Canadezen uit strategische overwegingen halt hielden bij de Grebbelinie. Men vreesde heel veel slachtoffers bij de bevrijdingsactie.
De Canadezen werden versterkt met de 79e Tankdivisie, een zeer ongewone formatie. Hoewel zij de enige, geheel uit pantservoertuigen bestaande divisie van het Britse Leger was, beschikten zij over geen enkele standaard tank. Ze bestond uit een bonte verzameling speciaal aangepaste rupsvoertuigen, die spottende “The Funnies” werden genoemd. De divisie bestond o.a. uit 'Crocodiles' (Churchill Tanks met vlammenwerpers en/of mitrailleurs voorop het voertuig), 'Crabs' (mijnenvegende Sherman Tanks) en amfibische gepantserde rupsvoertuigen, geschikt om een carrier mee te nemen.
Primair wilden de geallieerden de Duitse troepen, die langs de IJssel gelegerd waren gelegerd , af snijden van bevoorrading vanuit Duitsland en dat de Duitsers de geallieerde troepen in Duitsland niet in de rug konden aanvallen. Het rode Leger trok vanuit het oosten te snel op, de geallieerden hadden haast om Berlijn te bereiken. De Canadese troepen moesten er voor waken dat de Duitsers niet achter de Grebbelinie vandaan konden konen, waar achter zij zich hadden verschanst. Ook moesten zij verhinderen dat gevluchte Duitsers vanuit het oosten de Grebbelinie niet konden bereiken.
In tegenstelling tot het grootste deel van het 1e Canadese Leger heeft het Irish Regiment of Canada niet deelgenomen aan het grote Rijnland Offensief. Het 5de Canadian Armoured Division is vanuit Noord Nijmegen vertrokken richting Westervoort, ten oosten van Arnhem. Na de IJssel te zijn overgestoken, samen met de Britse 49e Divisie, zijn zij richting Arnhem opgetrokken waarna de twee divisies zich splitsten. Het 5de Canadian Armoured Division begon aan een snelle opmars door de Achterhoek naar het noorden, oostelijk van de IJssel. De 5e Canadese Tankdivisie, aangevuld met Britse onderdelen, kreeg de opdracht om vanuit Arnhem via Otterlo een corridor te forceren over de Veluwe naar Harderwijk aan het IJsselmeer en de Neder-Rijn bij Wageningen.


